De Horeca Alliantie heeft minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Hans Vijlbrief verzocht de algemeenverbindendverklaring (avv) van de cao Horeca Ontwikkelplatform (HOP) in te trekken. Volgens de Alliantie worden horecaondernemers en werknemers verplicht mee te betalen aan een fonds waarvan gelden naar cao-partijen gaan en van de gelden voor projecten de toegevoegde waarde voor het collectief van de sector onvoldoende aantoonbaar is.
Aan dit standpunt is een periode van verdiepend overleg voorafgegaan. Daarnaast heeft de Alliantie inzage gekregen in begrotingen en de voorgenomen besteding van middelen.
Het Horeca Ontwikkelplatform (HOP) is opgericht door Koninklijke Horeca Nederland (KHN), De Horecabond (FNV) en CNV. Via een algemeen verbindend verklaarde cao zijn niet alleen hun leden maar alle werkgevers en werknemers in de horeca verplicht premie af te dragen aan het fonds.
De Horeca Alliantie, waarin het Nederlands Horecagilde (NHG), de Vereniging Chinese-Aziatische Horeca Ondernemers (VCHO) en de Vereniging Professionele Frituurders (ProFri) samenwerken, heeft ernstige vragen bij de wijze waarop de middelen worden besteed en verdeeld.
Uit de begrotingen van HOP blijkt volgens de Alliantie dat jaarlijks miljoenen euro's worden besteed aan activiteiten en projecten die nauw verbonden zijn aan de oprichtende cao-partijen. Tegelijkertijd ervaren veel ondernemers die verplicht bijdragen aan het fonds weinig tot geen direct nut van deze uitgaven.
“Ondernemers en werknemers betalen verplicht mee aan HOP, ongeacht of zij zijn aangesloten bij een van de betrokken organisaties”, aldus de Horeca Alliantie. “Dan mag worden verwacht dat de middelen aantoonbaar ten goede komen aan de gehele sector. Wij zien dat onvoldoende terug.”
Volgens de Alliantie blijkt uit de HOP-begrotingen dat in zowel 2025 als 2026 ongeveer 3 miljoen euro wordt gereserveerd voor activiteiten van de oprichtende cao-partijen. Daarnaast worden collectieve middelen ingezet voor subsidies op reguliere verenigingsactiviteiten en voor voorzieningen zoals de RI&E, toetsen en cursussen bij exclusieve aanbieders. Volgens de Horeca Alliantie raken deze subsidies daarmee aan concurrentieverhoudingen buiten het terrein van de arbeidsvoorwaarden. Volgens de Horeca Alliantie ontstaat hierdoor een situatie waarin een groot deel van de collectief opgebrachte middelen terechtkomt bij een beperkte groep organisaties, terwijl alle werkgevers en werknemers in de sector verplicht aan het fonds bijdragen.
In een brief aan de minister vraagt de Horeca Alliantie daarom om de algemeenverbindendverklaring van de HOP-cao in te trekken.
De Horeca Alliantie benadrukt dat haar bezwaar zich niet richt op scholing, duurzame inzetbaarheid of arbeidsmarktontwikkeling, maar op het principe van een verplicht sectorfonds waarvoor alle horecaondernemers en werknemers moeten betalen, ongeacht of zij lid zijn van een van de betrokken organisaties.
Afbeelding gegerereerd door ChatGPT